1. Eerst beelden dan woorden
- Een beelddenkern denkt veel sneller danhij/zij in woorden kan zeggen.
- Problemen met abstracties, zoals symbolen links-rechts en tijd.
- Neemt taal letterlijk.
Ik zie geen H2O maar water
Foto: Crispijn Los
2. Denkt in gehelen
- Ziet alles in zijn verband, interdisciplinair.
- Denkt dingen gedaan te hebben.
- Kan recepten proeven nog voordat er iets gekookt is.
- Leest woorden die wel passen in de context, maar er niet staan.
- Heeft grote weerstand om iets stap voor stap te gaan doen zonder
een beeld van het eindresultaat te zien/hebben.
3. Denkt divergent, creatief
- Origineel woordgebruik ( i.p.v. maïs oogsten, maïs scheren).
- Weet dingen zonder het hoe en waarom te kunnen uitleggen.
- Lost problemen op originele wijze op.
- Heeft opeens inzicht ( intuïtief) ,zonder ter redeneren.
- springt van de hak op de tak..
5. Ontleent zelfvertrouwen aan zichzelf
- Is niet gericht op procedures/ afspraken en regels.
- Ondervindt veel trammelant door werk anders te benaderen.
- Gaat pas iets doen als hij/zij zelf er vertrouwen in heeft.
- Is zeer effectief als hij zelfvertrouwen heeft en erg ineffectief als dit ontbreekt.
Goed geaard, ontstaat er een effectieve stroom aan ideeën en associaties.
4. Ruimtelijk georiënteerd
- Heeft eigen ( ruimtelijke) ordenings principes.
Lijkt chaotisch voor een ander.
- Weet vaak de weg als hij / zij er ooit geweest is.
- Koppelt herinneringen vaak aan de plaats.
6. Bijzondere relatie met tijd
- Heeft gevoel voor proces/ beweging , maar niet voor kloktijden.
- Is ritme gevoelig.
- Vergeet de ‘klok’ tijd.
- Raakt geblokkeerd onder tijdsdruk.
7. Auditief zwak
- Onthoudt maar één mondelinge instructie, meestal de laatste.
- Kan gesproken woord moeilijk letterlijk herhalen.
- Kan niet luisteren en schrijven tegelijk ( bijv. aantekeningen maken).
- Kan woorden moeilijk/niet spellend uitspreken.
8. Gedachten altijd in beweging
- Denkt mee met proces van anderen.
- Bouwt door op activiteiten van anderen.
- Komt niet met tegenargumenten.
- Wat gisteren gedacht is , is nu al veranderd.
- Iets is nooit af.
- Komt makkelijk in de versnelling, maar heeft moeite om te stoppen.
Kopje koffie?
Foto: Crispijn Los